De voeding van onze parkieten - Ingredienten van de basis zaadmengsels E-mail
Onderwerp index
De voeding van onze parkieten
Belangrijke voedingsstoffen
ngredienten van de basis zaadmengsels
Basis zaadmengels voor onze parkieten
Aanvullingen op de basis zaadmengsels
Uit de natuur
Voelding die we niet aan onze parkieten moeten geven
Alternatieven
Bronvermelding
Alle pagina·s


INGREDIENTEN VAN DE BASIS ZAADMENGSELS

 

Zoals eerder gezegd bestaat het hoofdbestanddeel van de voeding van onze parkieten uit verschillende zaden. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste zaden behandeld. Er zijn een groot aantal leveranciers die zaadmengsels in de juiste verhouding verkopen. Er zijn ook hobbykwekers die zelf, volgens hun eigen 'ideale' recept, hun eigen zaadmengsels samenstellen. Zelf maak ik altijd gebruik van zaadmengsels van Teurlings die ik op bepaalde tijden in het jaar aanvul met op dat moment belangrijke zaden. De meest gebruikte zaden in de verschillende zaadmengsels zijn:

- Witzaad of kanariezaad
- Milletzaad of gierst
- Safloerpitten
- Haver
- Paddy rijst
- Boekweit
- Lijnzaad
- Negerzaad
- Hennep
- Zonnebloempitten

Witzaad of kanariezaad

Witzaad of kanariezaad (Phalaris canariensis) wordt in verscheidene landen verbouwd en is een van de belangrijkste bestanddelen uit de verkrijgbare zaadmengsels voor parkieten. De meest belangrijke zijn: U.S.A., Argentinië, Canada, Zuid Europa, Spanje, Hongarije en Marokko.

Figuur 1: Een paar afbeeldingen van de Phalaris canariensis (kanariezaad)

Afhankelijk van het land van herkomst is het witzaad, grof of fijnkorrelig, dof of glanzend, fijn of grofvezelig. Eigenlijk is witzaad een kleinzadige graansoort. De zaadkern is niet wit, zoals de naam doet vermoeden, maar bruin. Witzaad behoort tot de koolhydraatrijke gewassen. Het heeft dan ook een hoog zetmeelgehalte. Witzaad is daarnaast rijk aan leucine en arginine. In het aminozurenparoon ontbreekt echter cystine.

Figuur 2: Een paar afbeeldingen van de zaden van de Phalaris canariensis (kanariezaad).

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van witzaad of kanariezaad.

Vocht 12,8% Ruw celstof 5,3%
Ruw eiwit15,1%Calcium0,05%
Ruw vet6,1%Fosfor0,55%
Koolhydraten56,6%  

 

Milletzaad of gierst

Gierst of millet is een groep van graangewassen met kleine korrels, die tot de grassenfamilie behoort. Panicum is de familienaam die meestal wordt gebruikt voor kleinkorrelige gierst of millet soorten. Door de kweker/liefhebber wordt over het algemeen duidelijk onderscheid gemaakt tussen gierst en millet. Voorbeelden hiervan zijn pluimgierst, parelgierst, vingergierst, trosgierst, wit millet en rood millet. Wetenschappelijk is er echter geen verschil, alle soorten behoren tot de zogenaamde korrelgewassen.

Figuur 3: Diverse soorten gierst of millet, van links naar rechts:

De korrelvorm is rond. de kleur kan variëren van wit, strogeel, oranje, rood, bruin tot zwart.

Figuur 4: Zaden van diverse soorten gierst of millet.

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van gierst of millet.

Vocht 12,7% Ruw celstof 8,9%
Ruw eiwit11,1%Calcium0,03%
Ruw vet3,7%Fosfor0,32%
Koolhydraten59,8%  

 

Saffloer

Saffloer of kardi (Carthamus tinctorius) in een sterk vertakte eenjarige distelachtige plant. De planten worden 80 tot 120 centimeter lang. De bloemen zijn eerst saffraangeel en verkleuren dan tot rood. Elke bloem levert 15 tot 20 zaden op. De sterke penwortel stelt de plant in staat om ook in droge klimaten te groeien. Het geslacht Carthamus (v. Arab. kurthum = verven; Hebr. kartami) telt ca. 25 soorten, die voorkomen van het Middellandse-Zeegebied tot in Centraal-Azië.

Figuur 5: Een paar afbeeldingen van de saffloer plant.

Saffloer behoort tot de distelachtigen wat goed te zien is aan het driekantige pitje waaraan zich veelal een wollig pluimpje bevindt, die moeilijk te verwijderen is. Evenals zonnebloempitten zijn saffloorpitjes vetrijk. H0t argininegehalte in saffloorpitjes is nog hoger dan dat van zonnebloempitten, namelijk 10,1%. In Saffloerpitten zit geen calcium en fosfor.

Figuur 6: Een paar afbeeldingen van saffloer pitten.

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van saffloerpitten.

Vocht 7,2% Ruw celstof 31,2%
Ruw eiwit14,3%Calcium-
Ruw vet27,8%Fosfor-
Koolhydraten16,5%  

 

Haver

Haver (Avena sativa) is een graansoort, die reeds sinds 7000 v. Chr. geteeld wordt. Haver komt oorspronkelijk uit Zuidoost-Europa en Zuidwest-Azië en is ontstaan uit de wilde haver (Avena fatua). In Nederland wordt ongeveer 2500 ha (2003) haver per jaar verbouwd. Vroeger werd er naast de witte ook gele en zwarte haver geteeld. Er zijn ook naaktzadige rassen, die vooral in Engeland geteeld worden. Bij naakte haver blijven bij de rijpe korrels de kafjes niet om de korrel zitten wat bij gewone haver wel het geval is.

Figuur 7: Een aantal afbeeldingen van haverplanten

Haverkorrels zijn witachtig-geel. Haver is van nature nogal kafrijk, soms bedraagt dat wel 30%. Door de haver van het kaf te ontdoen wordt gepelde haver verkregen. Haver wordt graag door vele soorten vogels opgenomen en vlot aan de jongen gevoerd. Toch dient men niet te veel haver te voeren omdat het vervetting van de vogel tot gevolg kan hebben.

Figuur 8: Een paar afbeeldingen van haver korrels, (Links en Midden) - gepelde haver, (Rechts) - ongepelde haver

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van ongepelde haver.

Vocht 11,4% Ruw celstof 10,4%
Ruw eiwit10,4%Calcium0,09%
Ruw vet4,9%Fosfor0,33%
Koolhydraten59,7%  

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van gepelde haver.

Vocht 10,6% Ruw celstof 1,5%
Ruw eiwit13,9%Calcium0,09%
Ruw vet8,0%Fosfor0,41%
Koolhydraten64,2%  

 

Hennep

Hennepzaad komt van een eenjarige plant (Canabis sativa) die in juli en augustus bloeit. In veel landen, waaronder Nederland, mag het niet gekweekt worden.

Figuur 9: Een tweetal afbeeldingen van hennep planten.

Hennep wordt gerekend tot de vetrijke gewassen. Algemeen wordt aangenomen dat hennep de paardrift opwekt, iets wat trouwens ook van haver wordt verondersteld. Indien in de broedperiode te veel hennep aan de vogels wordt gegeven kan dit een vroegtijdige leg tot gevolg hebben. Het kan zelfs voorkomen dat poppen met nestjongen van bijvoorbeeld 14 dagen opnieuw aan de leg gaan en het voeren van de jongen staken. In het aminozurenpatroon ontbreekt cystine en tyrosine. Leucine (7,7%) en valine (6,3%) zijn in het eiwit het hoogst aanwezig.

Figuur 10: Een paar afbeeldingen van hennepzaad.

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van hennepzaad.

Vocht 8,7% Ruw celstof 16,9%
Ruw eiwit19,5%Calcium0,81%
Ruw vet32,1%Fosfor0,76%
Koolhydraten18,0%  

 

Boekweit

Boekweit (Fagopyrum esculentum) is een cultuurgewas dat waarschijnlijk afkomstig is uit een tamelijk droog deel van China, en meer in het bijzonder een gebied grenzend aan Mantsjoerije, Mongolië of Tibet. Het behoort tot de familie van de Polygonaceae (duizendknopen). Het is een eenjarige plant met een holle rechtopgaande, zich meermalen vertakkende, rode stengel. De bladeren zijn driehoekig tot hartvormig.

Figuur11 : Een paar prachtige afbeeldingen van de boekweit plant.

De bloei begint al in een jong stadium, soms al na zes weken, en gaat dan 25 tot 30 dagen door. De bloemen zijn in langstelige pluimen gegroepeerd, wit tot roze van kleur, en bevatten veel nectar. Op arme gronden bereikt boekweit een hoogte van 50 cm. Voordat de bloei ten einde is zijn er al rijpe vruchten. Het eetbare zaad zit aan dunne steeltjes die in rijpe toestand makkelijk loslaten. Het heeft een meel- en eiwitrijke inhoud, overeenkomend met die van klaver. Bij het bewaren moet het zaad droog zijn want het schimmelt gemakkelijk. De vorm van het boekweitzaad komt sterk overeen met die van beukennootjes, al zijn ze beduidend kleiner. Boekweit is zetmeelrijk bevat veel magnesium, calcium en fosfor. Over het algemeen wordt het graag door vogels gegeten.

Figuur 12: Karakteristieke driehoekige vorm van boekweit zaad.

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van boekweit zaad.

Vocht 15,1% Ruw celstof 10,8%
Ruw eiwit11,5%Calcium0,04%
Ruw vet2,4%Fosfor0,30%
Koolhydraten57,8%  

 

Paddyrijst

Paddy of wel ongepelde rijst, is voor meer dan de helft van de wereldbevolking, de voornaamste voedselbron. Azië en Amerika zijn de landen waar het in hoofdzaak wordt verbouwd. Paddy is vetarm is. Daarentegen is het rijk aan koolhydraten.

Figuur 13: (Links) - in Azië vind je overal rijstvelden (Rechts) - er zijn talrijke soorten rijst

Figuur 14: Een aantal afbeeldingen van paddy of ongepelde rijst

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van paddy rijst.

Vocht 11,6% Ruw celstof 10,0%
Ruw eiwit7,1%Calcium0,06%
Ruw vet2,1%Fosfor0,21%
Koolhydraten64,1%  

 

Lijnzaad

Lijnzaad (Linum usitatissimum) is een gewas dat al eeuwenlang verbouwd wordt. Lijnzaad, ook wel vlas genoemd, wordt verbouwd voor een tweetal belangrijke toepassingen: het maken van vlas (vezelvlas) en voor de productie van lijnzaadolie.

Figuur 15: Een tweetal afbeeldingen van de lijnzaad plant.

Er zijn blauwbloeiende en witbloeiende rassen. Daarnaast zijn er rassen met bruine zaden en rassen met gele zaden.

Figuur 16: Er bestaan verschillende kleuren lijnzaad.

Lijnzaad heeft een goede invloed op het verenkleed van onze parkieten. Met name tijdens de ruiperiode is lijnzaad erg belangrijk. Het vetrijke lijnzaad zal afhankelijk van het seizoen procentueel, door fabrikanten, in een zaadmengsel worden aangepast. Daarnaats bevat lijnzaad veel eiwitten met een zeer gunstig aminozurenpatroon.

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van lijnzaad.

Vocht 9,4% Ruw celstof 7,3%
Ruw eiwit21,5%Calcium0,23%
Ruw vet34,2%Fosfor0,66%
Koolhydraten22,3%  

 

Negerzaad

Negerzaad (of nigerzaad) wordt hoofdzakelijk verbouwd in India en Ethiopië. Nigerzaad is afkomstig van het Gingellikruid (Guizotia abyssinica). De bloeiwijze en zaadvorming van deze plant lijkt op dat van distel en doet daarom ook wat onkruidachtig aan.

Figuur 17: Neger- of nigerzaad is afkomstig van het Gingellikruid.

Negerzaad is bijzonder vetrijk en wordt over het algemeen door vogels graag opgenomen. Negerzaad bevat als één van de weinige vogelzaden een hoog percentage aan calcium, fosfor en mangaan.

Figuur 18: Negerzaad

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van negerzaad.

Vocht 6,6% Ruw celstof 13,5%
Ruw eiwit20,7%Calcium0,43%
Ruw vet42,2%Fosfor0,65%
Koolhydraten13,1%  

 

Zonnebloempitten

De zonnebloem (Helianthus annuus) is een tot 3 meter hoge plant waarvan de zonnebloempitten voor allerlei doeleinden worden gebruikt. De plant hoort tot de familie der Composieten en is eenjarig. Het bloemhoofd kan wel een diameter hebben tot 30 centimeter. Bloeiende zonnebloemen op een akker wijzen naar het oosten, waar de zon 's morgens opkomt. Onvolwassen zonnebloemen waarvan de bloemknop nog niet geopend is vertonen heliotropisme: overdag draait de bloemknop op zonnige dagen mee met de zon van oost naar west.

Figuur 19: Bloeiende zonnebloemen.

's Nachts keert de bloemknop terug naar de oostelijke stand. Deze dagelijkse beweging wordt bewerkstelligd door een flexibel segment van de stengel onder de bloemknop, de pulvinus. Tegen de tijd dat de bloem begint te openen verstijft de pulvinus, in de oostelijke stand. Daardoor wijzen bloeiende zonnebloemen de hele dag naar het oosten. Zonnebloemen komen oorspronkelijk uit Noord- en Zuid-Amerika en zijn gedomesticeerd rond 1000 voor Christus. De Inca's vereerden de zonnebloemen als beeld van hun zonnegod. In 1530 werd de zonnebloem door Spaanse zeelieden naar Europa gebracht.

Figuur 20: In deze zonnebloem zijn de pitten goed te zien.

Zonnebloempitten kennen we in verschillende kleuren. Er zijn witte, grijs gestreepte en zwarte. De witte pitten komen veelal uit Kenia en Egypte. De gestreepte komen ondermeer uit Argentinië, Canada, Hongarije en China. De U.S.A. levert de zwarte zonnebloempitten. Zonnebloempitten mogen nooit als hoofdvoeding gebruikt worden. Zonnebloempitten zijn vetrijk en hebben een gunstig aminozurenpatroon doordat ze een vrij hoge argininegehalte (8,1%) in het eiwit bevatten.

Figuur 21: Afbeeldingen van verschillende soorten zonnebloempitten.

In onderstaande tabel een overzicht van de samenstelling van zonnebloempitten.

Vocht 7,8% Ruw celstof 26,9%
Ruw eiwit14,9%Calcium0,18%
Ruw vet29,8%Fosfor0,45%
Koolhydraten17,5%